Dagje Parijs

Nadat we de Arc de Triomphe, de Eiffeltoren en les Halles voorbij gereden waren ,reed de bus naar het Louvre.Onderweg stonden we vaak genoeg stil om alle mooie huizen te bekijken. De lange straten, de prachtige panden, de zon die door de hoge bomen viel, waren al mooi op zich!

_DSC3752
_DSC3705
_DSC3725
_DSC3736

Bij het Louvre bleek dat we duidelijk niet de enige toeristen waren, wat een mensen!

De hoofdingang is sinds 1989 de Piramide, het is een grote glazen en metalen piramide. Persoonlijk vind ik het niet passen bij de oude gebouwen van het voormalig paleis, maar smaken verschillen.

In 1793 werd dit paleis museum[ bron Wiki] Ook hier stond een enorme rij mensen voor de ingang. Gezien onze beperkte tijd konden we niet aansluiten.Mijn dochter, die kunstliefhebber is, vertelde dat in het Louvre  35.000 kunstwerken te zien zijn, waarvan 7000 schilderijen. Neem je voor ieder werk 10 seconden tijd, dan heb je vier dagen en nachten nodig om alles te zien.Dus in die paar uur van ons wordt dat niets.

_DSC3782
_DSC3791
_DSC3781
_DSC3787

We wilden door de Jardins de Tuileries wandelen maar die waren halverwege afgesloten vanwege werkzaamheden, evenals bij de Arc de Triomphe Carroussel, ook daaromheen stonden hekken.Dat was even een tegenvaller.In de tuinen was het druk met mensen die lagen te relaxen, te lezen, te kletsen….

_DSC3793
_DSC3798
_DSC3796

Soms heb je iets helemaal niet waar genomen en zie je op een foto thuis pas wat je op de foto gezet hebt. Zoals dit meisje, ik heb haar echt niet gezien, was zo in de ban van al die pracht daar.

Nadat we een tijdje rondgelopen hadden en veel foto’s gemaakt hadden, liepen we weer naar de bushalte.

Ik had dat in het vorig blog niet geschreven maar de bij de bushaltes liepen mannen met een vlag van de maatschappij op hun rug, wandelende bushaltes eigenlijk.Bij de eerste halte die vlakbij het station zou hebben moeten zijn en die we niet konden vinden, was het handig. We zagen opeens dit mannetje met zijn vlag aan komen lopen.

Bij iedere halte checkten zij alvast iedereen in zodat je achter elkaar die bus in kon. Dat ging daardoor lekker snel.

Bij het Louvre moesten we best lang wachten op de volgende bus, zelfs de weg door het Louvre stond vast met verkeer. We overwogen maar lopend naar de Notre Dame te gaan maar steeds zei het vlaggen mannetje, nog “two minutes!” Uiteindelijk misschien een half uur gewacht….

Notre Dame

De Notre Dame was ook niet van binnen te bezichtigen, dat wisten we wel. Door de grote brand in april 2019 staat de kerk in de steigers en staan er hekken omheen.

Op de tweede foto is het niet heel duidelijk, maar op de torenspits staat de weerhaan weer. Met het terug plaatsen is er een koker in de haan gedaan met de namen van alle betrokken werklieden.

De verwachting is dat hij in december dit jaar weer open gaat. Eind november zal in een processie het Maria beeld weer terug gebracht worden naar de kerk. Dat zal een machtig en ontroerend schouwspel zijn denk ik. Wat de brand in 4 uur teweeg bracht is pas na 5 jaar hersteld. Wat een werk is dat geweest!

Het kan vast niet maar toch leek het alsof we nog steeds de brandlucht roken toen we er rondliepen.

Aan de hekken hingen ontelbare hangsloten, geen idee wat de gedachte daarachter is maar commercieel is het wel, want er stonden allerlei verkopers met die sloten te leuren.

We staken de weg nog over en liepen een parkje in. Dan kom je van enorme drukte ineens in een oase van rust. Er waren best wat mensen aan het relaxen

Na het parkje liepen we weer naar de bus om naar de volgende stop te gaan Quartier Latin. Daar wandelden we wat rond, bezochten een kerkje

20240704_162658
20240704_162811
20240704_162724
20240704_162741
20240704_162922
20240704_163007
20240704_162907
20240704_162857

We kochten wat macarons voor Aaron, die daar sinds de vakantie in Frankrijk gek op is.

en zochten een restaurant uit om te gaan dineren.

Hier streken we neer en aten pizza en pasta en wat een moeder en dochter kunnen doen, halverwege ruilden we van bord. Twee gerechten voor 1 prijs, haha !

Ik kwam nog een mooie streetart tegen van Maurice Genevoix, schrijver en dichter.

Toen kwam het eind van de dag in zicht en namen we de bus terug naar Gare du Nord.

Ile Flottant

We waren wat te vroeg en doken nog een restaurant tegenover het station in voor een dessert. Ik koos Dame Blanche maar dochter nam eens een keer “iets avontuurlijks”, een Ile Flottant. Toen het gebracht was en zij de eerste hap genomen had, vroeg ze: Mam, je wilt zeker niet ruilen? Ik vind het echt niet lekker. Dus als moeder doe je alles toch voor je kind ook al is dat kind 36, dus ging ik op avontuur met haar dessert.Het zag er lekker uit…..

Ik kon niet thuis brengen wat het was, maar na een paar happen dacht ik, opgeklopt eiwit, dat is het! Nou lekker vond ik het ook niet maar omdat het 10 euro kostte, worstelde ik het toch naar binnen.

Om half 8 hadden we de trein weer terug naar Rotterdam Centraal, daar direct aansluiting op de trein naar Schiedam en kwart voor 11 waren we weer thuis. Ik sliep bij mijn dochter dan hoefde ik niet vermoeid achter het stuur naar huis. Om half 5 werd ik wakker van enorme krampen in maag en darmen. Oh nee, zal je net zien , wordt ik ziek als ik logeer. Ik kreeg diarree, gelukkig niet overgegeven, maar vandaag zondag, heb ik nog steeds krampen in mijn maagstreek. Ik denk dus voedsel vergiftiging en ik geef dat drijvend eiland de schuld!

Het was een heerlijke dag om op terug te kijken. Weer zo’n dag met een gouden randje!

Dank je wel lieve Romy, xxx

 

 

Parijs in één dag

Begin dit jaar opperde mijn dochter om samen eens een dag naar Parijs te gaan. Dat is bij mij niet tegen dovemansoren gezegd. Ik was er ooit, ergens in de middeleeuwen denk ik, toen ik met schoolreis van de HAVO, 3 dagen naar Parijs ging.

We kochten een paar maanden geleden al treintickets met een kortingsaanbieding.Donderdag was het zover.Om 5 uur uit bed en kwart voor 6 reed ik naar Maassluis. Het raam van mijn auto is stuk dus ik durfde hem niet op het station hier dichtbij te zetten. Kom je terug uit Parijs, auto weg. Ik zag het al voor me.

We namen de trein vanaf Schiedam naar Rotterdam Centraal en twee en half uur later stapten we uit op het Gare du Nord.Meteen al een mooi gebouw als start van onze dag.

We hadden tickets gekocht voor een hop on hop off bus. Die rijdt langs allerlei highlights van Parijs en waar je wilt kun je uitstappen en later weer opstappen. Mijn dochter heeft dit al twee maal eerder gedaan maar dit keer waren er minder stops zei zij. In de stad was het enorm druk waardoor we er soms ook langer dan verwacht over deden, maar dat mocht de pret niet drukken. Het was mooi weer en we zaten bovenin de open bus en konden alles goed zien.

Eerste stop was de Sacré-Cœur.Ik herinnerde mij die nog wel, maar mens wat een trappen! Die herinnerde ik mij niet. Waarschijnlijk omdat ik toen 17 was en ze nog gewoon op kon rennen. Ik las dat het 237 treden zijn.

Maar met een paar fotostops [ even uitrusten☻] waren we boven. Het plan was naar binnen te gaan, maar er stond een rij, wel zolang, dat we daar maar vanaf zagen.Later die dag zagen we dat overal dus we gingen uiteindelijk nergens naar binnen.

Aan de buitenkant viel ook genoeg te zien. Wat een prachtige basiliek met al die ornamenten en sculptures.

Bovenop de heuvel met de Sacré-Cœur aten we op een bankje even onze broodjes en genoten van het uitzicht.Mensen kijken is ook altijd leuk. Hier kwamen ze van over de hele wereld denk ik.Groepen Chinezen en Japanners zagen we veel lopen. Dames compleet met hoedjes en parasolletjes tegen de zon.

Want ja, de zon was doorgebroken, onze vesten konden de rugtas in! We liepen door naar Montmartre, waar ik vroeger op de Place du Tertre voor 25 gulden een karikatuur liet maken. Ook nu zaten er genoeg mensen als model voor de kunstenaars.

Ooit woonden van Gogh, Dali en Picasso in deze wijk. We kochten een wafel en stonden een poosje te kijken naar dit meisje van een jaar of 5 of 6 wat doodstil bleef zitten, ze keek niet op of om.

Wij konden ons niet voorstellen dat mijn kleinzoon van bijna 5 of de kleindochters van 6 en 8 zo stil zouden blijven zitten, die vliegen alle kanten op en hebben het na 5 minuten wel gezien denk ik.

 

Op het plein zag ik deze muurschildering nog.

Wat me wel opviel in Parijs is dat er zoveel onder gekalkt is met graffiti.Het verbaast mij dat zo’n historisch ‘dorp’ als Montmartre zo “verminkt” kan worden.Je hebt toch echt wel een trap nodig om zo hoog met een spuitbus in de weer te gaan.Zonde! Ook pamfletten over muurschilderingen of metershoge foei lelijke reclames over gevels van mooie oude gebouwen zag ik wel. Dat laatste zal wel met geld te maken hebben, reclame ivm de Olympische spelen oid.

We liepen wat verder en moesten wel zo langzamerhand een plaspauze inlassen, dus we streken neer op een terrasje om wat te drinken en naar de wc te gaan.Ook zoiets Frans, naast ons kwam een groep motoragenten zitten. Eerst twee en daarna kwamen er meer, even lunchpauze. Dat heb ik bij ons echt nog nooit gezien.

Op het pleintje stond de deur van een kerkje open en we keken er even binnen[ st Pierre de Montmartre]

 

 

 

Daarna gingen we toch de heuvel weer af om de volgende bus te nemen, op naar de Arc de Triomph en de Eiffeltoren, hier stapten we niet uit maar namen foto’s vanaf het dak van de bus.

Prachtig al die versieringen op de Arc de Triomph!

Op de Eiffeltoren hingen grote ringen voor de Olympische spelen.

Het verkeer stond bij bijna elke rit helemaal vast, wat een drukte en een getoeter om ons heen. Hierdoor reden die bussen niet om de beloofde 10 minuten maar liep alles uit. Op iedere hoek van de straat stonden groepen politie. Ik hoorde thuis op de radio dat er een terroristische aanslag was voorkomen in Parijs. Dus dat zal er alles mee te maken gehad hebben.Het drukke verkeer weerhield deze mensen niet om hun dochters te laten poseren vlak voor de bus, midden in al die drukte.Alles voor een mooie foto met de Arc de Triomph op de achtergrond.

Op het dak van de bus hadden we goed zicht op al die mooie gebouwen. Ik ben gek op oude gebouwen met ornamenten en je ziet daar niet anders!

Onze volgende stop was die van het Louvre en de Jardins de Tuileries maar daarover volgend blog meer.

De Kabouterberg van Kasterlee

Met dochter en kleinzoons was ik een paar dagen in België, in de Kempen. Gisteren was een prachtige dag en bezochten we de Kabouterberg in Kasterlee.

Voor de kinderen hartstikke leuk, je volgt de bordjes van kabouter Fientje en wandelt hierdoor door een mooi bos. We boften enorm met het weer en genoten van de rust, de geur en geluiden van het bos.De route gaat door een heuvelachtig stuk bos. Wat het bijzonder maakte voor ons volwassenen waren de bomen die we zagen. Van veel bomen zijn de wortels bloot komen te liggen. Het was een bijzonder gezicht.

Op deze plek zijn ooit een soort duinen ontstaan en door de wind is het zand verdwenen en zijn de wortels van de bomen nu zichtbaar.

 

Voor de kinderen is dat natuurlijk heel avontuurlijk!

De sage van de Kastelse kabouters

Sedert lang zijn de Kaboutermannekens tot allemans vreugde uit de kempen verhuisd. Het was een raar volkske. Met duizenden woonden zij in een berg, die men de dag van vandaag “Kabouterberg” noemt. Zij hadden er de vossen en de konijnen verjaagd en hadden hem verder helemaal uitgegraven.Aan de ene kant van de Kabouterberg was een grote poort, die men langs de binnenzijde sloot en langs daar werd alles binnengebracht wat zij gedurende de nacht bij de boeren gestolen hadden. En dat waren niet alleen kalkoenen, eenden, kiekens, konijnen, maar zelfs kalveren, koeien en ossen. Als het donker werd, kwamen zij allemaal samen uit hun schuilhoek en trokken naar een boerenhof. Daar kozen ze in de stallen al wat hen beviel en gingen ermee naar hun Kabouterberg.

In het begin verzetten de mensen zich daartegen, maar zij ondervonden weldra dat alle tegenstand nutteloos en voor hen noodlottig was. Want kwam er iemand om hen te verjagen, dan sprongen de kabouters met honderden op hem, klampten zich aan hem vast zodat hij niet meer verroeren kon en ranselden hem onbarmhartig af. En het mooiste van al was dat er nooit een kaboutermanneke in de slag bleef. Werd er een vastgegrepen, zo ontglipte het aan de hand als een paling.

In die streek leefde een jonge, kloeke boer die vroeger vijftien koeien had, deze werden hem alle ontstolen door de deugenieten. Hij beminde Mieke, de dochter van zijn rijke buur en Mieke zag hem ook gaarne. Op zekere dag kwam de jongen bij de vader en vroeg hem met Mieke te mogen trouwen. Maar de boer schoot in een helse gramschap.
“Mijn Mieke” zei hij “zal niet trouwen met iemand die geen fluit bezit en enkel goed is om de koeien te gaan wachten. Mijn Mieke zal maar trouwen met iemand die haar tienduizend gulden meebrengt.”

De jongeling was erg bedroefd. Wat gedaan? Hij trok naar de kabouterberg. Misschien zouden de kaboutermannekens hem zijn koeien weergeven. Het begon al donker te worden, toen hij de kabouterberg bereikte. Hoe hier nu binnengeraken? Daar hij niet wist hoe hij binnen moest, wachtte hij. Het kon al één uur van de nacht zijn, toen een koe kwam aangelopen en de poort geopend werd om ze binnen te laten. Snel greep de jongen de staart van de koe en daar was hij binnen. Nauwelijks hadden de mannekens hem bemerkt of alles raakte in rep en roer. Uit alle hoeken en kanten kwamen zij bijgesneld en sloegen en schopten hem zo erbarmelijk dat hij weldra halfdood op de grond uitgestrekt lag.

“Mannekens, mannekens” riep hij “houdt nu op met slaan. Ik kwam om u iets te vragen. En staat het u niet aan, laat mij dan vertrekken of liever, slaat mij helemaal dood, want dan heb ik geen hoop meer.” En hij deed zijn geschiedenis uiteen en hij sprak zo schoon, dat zij met hem medelijden kregen. Ze lieten hem naar huis gaan en in zijn stal vond hij zijn vijftien koeien en op tafel in huis vond hij een zware beurs vol gouden kronen. En nu bood de rijke boer geen tegenstand meer. De jongen trouwde met Mieke en zij waren gelukkig.

Maar de historie van de jongeling was weldra voor iedereen bekend en de kaboutermannekens kregen op den duur alle dagen te doen met verliefden, die hun hulp kwamen afsmeken. Maar al die tranen begonnen hen te vervelen en, om gerust te zijn, maakten zij op zekere avond hun pakken en zakken gereed en trokken het land uit, aan de overkant van de Rijn, waar ze nog leven.